BRUGGE - Als we met deze warme tempteraturen langs de dijk wandelen lijkt het al zomer, maar we moeten toch nog twee maandjes wachten op de grote vakantie. In Zeebrugge zijn ze alvast klaar om opnieuw een zomer vol sport- en spelplezier op het strand te organiseren.
Onder meer het bossaballtornooi, een combinatie van voetbal, volleybal en trampoline springen, wordt één van de blikvangers op het Zeebrugse strand deze zomer.
De strandanimatie bevat allerlei activiteiten voor zowel kinderen jonger dan 12 jaar als voor de wat ouderen. 'Net als vorig jaar kun je elke dag van de zomer, behalve op zondag en maandag, sporten op het strand. Er is onder meer beachvolleybal, Braziliaans voetbal, rugby, baseball, frisbee en nog veel meer. Voor iedereen is er dus wel iets', zegt schepen van Sport Annick Lambrecht (Sp.a). In het weekend van 25 en 26 juni worden de zomeractiviteiten op gang getrokken met een bossaballtornooi. Bossaball is een spectaculaire combinatie van voetbal, volleybal en trampoline springen. Voor de extra sportievelingen is er ook het traditioneel loopcriterium van de kust. Op donderdag 21 juli vindt in Zeebruge de strandloop plaats. Voor kinderen tot 12 jaar is er de jeugdloop van 1 km, aansluitend volgt de 3 km voor alle recreanten, gevolgd door de 10 km die kadert in het loopcriterium van de kust. Deelnemen aan de activiteiten is gratis en inschrijven is niet nodig. Bij regenweer worden vervangactiviteiten voorzien.
SWINGEN MET DE BAL
de Weekkrant 29 April 2009 Auteur: Sarah Hafez
Utrechter Wilco Nijland zet eerste Wereld Kampioenschap bossaball op poten
UTRECHT - Bossaball, euh… wát?! Nog maar weinig mensen kennen dit spectaculaire balspel, maar daar gaat Utrechter Wilco Nijland verandering in brengen. Met zijn bedrijf Music and Sports zet hij het eerste WK Bossaball op poten, dat start op maandag 4 mei in Turkije.
Zelfs een niet-sportliefhebber kan waarschijnlijk een brede glimlach niet onderdrukken bij het zien van een potje bossaball. Want spectaculair is het zeker. Bossaball is een mix van volleybal, voetbal en turnen en het wordt gespeeld op twee luchtkussens met daarin trampolines. Ondertussen klinkt er opzwepende Zuid-Amerikaanse Bossanovamuziek. Probeer maar eens stil te blijven zitten. Wilco organiseert het WK bossaball samen met WOW Hotels. Het evenement duurt vijf dagen omdat op die manier beide resorts, zowel Bodrum als Antalya, aan bod komen.
Brazilië De beste vijf bossball-landen strijden om het Wereld Kampioenschap; Nederland België, Brazilië, Koeweit en Singapore. Volleybal vormt in principe de basis van bossaball, al gaat dat voor de Brazilianen niet op. "Die spelen eigenlijk alleen met de voeten", weet Wilco. "Ons doel is natuurlijk om van Brazilië te winnen. Ja, we maken zeer zeker kans! De Brazilianen zijn ook wel eens laks, of spelen teveel voor de show."
Supergaaf Bossaball wordt op dit moment in vijftien landen gespeeld. Wilco bracht het drie jaar geleden naar Nederland. Met zijn bedrijf produceert hij bossaball-evenementen over de hele wereld. Een hele organisatie. "Maar supergaaf", vindt Wilco. "Er is niets mooier dan aan de basis te staan van de ontwikkeling van een nieuw spel. Je moet alles ontdekken, iedereen vindt het leuk, en dan werkt het ook nog eens. Het is ontzettend leuk om ervoor te zorgen dat heel Nederland straks weet wat het is."
Belg Bossaball is bedacht door de Belg Filip Eyckmans, ex-manager van de band dEUS. Zijn idee begon te groeien toen hij op tournee in Brazilië capoeira-acrobaten aan het werk zag. Op www.bossaballsports.com geeft hij aan hoe hij op het idee kwam: 'Twintig jaar geleden zag ik op een tennisclub een soort attractie, twee trampolines, waar je met een bal naar een soort gat moest gooien. Het zag er leuk uit. Maar er zat geen tempo, geen rally in het spel. Het was springen, stoppen, en telkens die bal weer gaan halen. Dan kwam de hype van het beachvolley. En ook die trampolines met benjitouwen, die je wel eens ziet in shopping-centra. Ik heb die ideeën wat samengevoegd, een beetje gepikt van elke sport.'
Muziek Music and Sports BV is een bedrijf dat sport, beweging, muziek en entertainment combineert. Volgens Wilco Nijland is muziek namelijk van grote waarde voor de uitstraling van een sport. En het draagt bij aan de sfeer op een evenement, met name natuurlijk voor het publiek. Meer op www.musicandsports.nl.
Met Bossaball, een sport die hij zelf uitvond, gaat Filip Eyckmans de wereld veroveren. In een vorig leven was hij manager van dEUS. Een monoloog over een droom – door Jef van Baelen
‘Ik weet nog dat wij in de turnles een spelletje speelden met een bal en een trampoline. Je nam een aanloop, sprong en gooide dan de bal door een hoepel, terwijl een klasgenoot probeerde te blokkeren. ’t Is mij altijd bijgebleven hoe leuk ik dat vond, al was het een spelletje zonder vaart en zonder veel competitie. Veel later, in ’95, kwam ik met dEUS voor de eerste keer in Brazilië en leerde ik op een strand in Recife de capoeira kennen. Ik ben meteen drie uur blijven staan. De vibe die die dansers uitstraalden! Ik werd daardoor omvergeblazen. Rond die tijd verschenen er in de winkelcentra plots trampolines met bungeetouwen en werd beachvolleybal een olympische sport – vooral dankzij de mooie kontjes van de speelsters en de feestsfeer van de achtergrondmuziek, begreep ik. Al die invloeden zijn in mijn hoofd beginnen te broeien, tot ik dacht: laat ik gewoon zelf een sport uitvinden die al die zaken combineert.
Ik ben ’s nachts beginnen te puzzelen. Met een netje van een sinaasappelkist en een paar sponsjes flanste ik een schaalmodel in elkaar. Over de naam heb ik niet lang nagedacht. Ik wou er iets latino in. Dat werd ‘bossa’, omdat ik een bossanova fan ben. En het bekt ook goed, hè: Bossaball. Het ziet er een beetje uit als volleybal op een springkasteel, ja, maar eigenlijk heeft het evenveel van turnen of zelfs van voetbal. Een team bestaat uit drie, vier of vijf spelers. Je mag de bal acht keer rondtoetsen – met handen, voeten, schouders of hoofd – terwijl de speler op de trampoline naar de juiste hoogte veert voor een smash. Wanneer de bal de luchtkussen van de tegenpartij raakt, verdien je 1 punt, raakt de bal de trampoline dan is dat 3 punten waard. De scheidsrechter heet bij Bossaball de ‘samba referee’, en hij is tegelijk diskjockey en entertainer. Kwestie van er een relaxte sport van te maken, zowel voor de spelers als voor het publiek.
Bossaball bestaat nu vier jaar en het loopt eigenlijk heel goed. Wat ik doe is: ik verkoop de licentie voor de sport, samen met het unieke opblaasbare terrein, aan partners die dan het exclusieve gebruik voor een bepaalde regio verkrijgen. Ik heb nu een vijftigtal terreinen verkocht: er staan er in Roemenië, Brazilië, maar ook in Singapore en Saudi-Arabië. In Nederland heeft de sport het meeste succes. De Nederlandse Volleybalbond kocht een licentie, en dat heeft ons meteen gelanceerd. Ik schat dat er, in Nederland alleen, maandelijks vijftien tot dertig Bossaballevents worden georganiseerd: bedrijfsfeesten, fandagen van voetbalclubs, de sportdag bij de lokale politie…. dat soort dingen.
Bossaball is eigenlijk verborgen dromen waarmaken: als volwassene nog eens op een luchtkasteel kruipen, wat normaal niet mag. En hoeveel amateur-voetballers dromen er niet van zelf een omhaal te doen? Maar in het voetbal is dat erg moeilijk hè, en als je valt, doe je je pijn. Bij Bossaball heb je een luchtkussen om je op af te zetten en val je altijd veilig. Als zo’n bende gelegenheidsspelers voor het eerst op het terrein komt, zie je altijd hetzelfde scenario: er is er een die ontdekt dat hij makkelijk een omhaal kan maken, en voor je het weet doet de rest hem na. (lacht) Ook populair: de smash vanaf drie meter hoogte. Dat wou ik vroeger ook altijd al kunnen en ik zal wel niet de enige geweest zijn.’
Koeweitse leger
‘Begin mei organiseerden we voor de eerste keer een WK Bossaball. Brazilië heeft gewonnen. Dat is voor mij een van de fijnste neveneffecten van Bossaball: er is een gemeenschap gegroeid van landenteams en daartussen begint zich een felle competitie te ontwikkelen. De Belgen en Brazilianen steken er momenteel bovenuit, maar Nederland is duidelijk aan het opkomen. En Koeweit schijnt nu ook een stuk sterker te zijn geworden, want zij hebben een enorm trampolinetalent gevonden bij het Koeweitse leger. Turners hebben trouwens altijd voordeel bij Bossaball, meer nog dan volleyballers of voetballers. Op de trampoline gaat een goeie turner gauw een meter hoger dan een amateur, wat natuurlijk winst oplevert. Alleen: turners hebben meestal geen balgevoel.
Het moeilijkste aan Bossaball is een pass geven aan iemand die veel hoger in de lucht hangt. Voor volleyballers is dat bijvoorbeeld tegennatuurlijk, in het begin. De controle van de opbouw van een aanval is erg belangrijk. Daar zijn de Brazilianen erg goed in. Zij tikken en takken met die bal alsof het niets is. Daarom staan zij ook nooit in het zweet. Maar als je geen balcontrole hebt, moet je constant het geklungel van je medemaats opvangen.’
Dan wordt het een erg vermoeiende sport. De Belgen zijn qua balgevoel de mindere, maar dat halen we in omdat we vrij goede turners zijn. De Brazilianen, die waren in het begin bang van de trampoline, hè. Zij hadden dat nog nooit gezien. Zodra ze hun turnachterstand wegwerken, zal het wel moeilijk worden om hen nog te kloppen. Bij de Braziliaanse Bossaballploeg speelt onder meer een ex-voetballer die ginds in de tweede klasse net niet doorbrak. Qua balbeheersing is die fenomenaal. Een genot om naar te kijken.
Stijl en show zijn erg belangrijk bij Bossaball. Vaak wordt er bijvoorbeeld opgeslagen via een soort salto met voetbalomhaal, natuurlijk niet de meest efficiënte manier om de bal in het spel te brengen. Maar als het echt is om te winnen, dan zie je die trucjes veel minder. Een België-Brazilië bijvoorbeeld, de twee toplanden tegen elkaar, dat is al lang niet meer om te lachen. Dan is het strijd voor ieder punt. Het ergste wat je bij Bossaball kan overkomen is een trampolinegoal. Die telt voor 3 punten, dus voor het resultaat is het vaak bepalend, maar het wordt ook als erg vernederend ervaren. Vergelijk het met een bal die tussen de benen van de keeper glipt in het voetbal. Als ik nog eens meespeel en ik sta in de trampoline, dan wordt dat trouwens automatisch een schietkraam. Tegen mij, de bedenker van de sport, wil iedereen graag scoren. En dan nog het liefst met een smash tegen mijn kop, dat mijn bril eraf vliegt. Je zult begrijpen dat ik de laatste tijd niet zo vaak meer speel. (lacht) ‘
Een sjeik
‘Het grootste gevaar voor de sport zijn de copycats. Daar heb ik ondertussen al miljoenen aan verloren. Meestal werkt het zo: een of andere onbetrouwbare, buitenlandse tiep benadert mij, vraagt alle info over Bossaball en bestelt dan een kopie van mijn terreinen in China. Daarna verpatst hij het exclusieve gebruik voor Bossaball aan een merk op zijn thuismarkt, terwijl hij dat natuurlijk niet verkopen kan. En ik mag vervolgens gaan procederen om mijn rechten te vrijwaren. In Israël zit ik momenteel bijvoorbeeld in een rechtszaak tegen Chocball, een compleet illegale kopie door een merk van chocomelk. Dat betekent dat ik eerst een advocaat moet vinden die het Israëlische patentrecht kent, wat natuurlijk een bom centen kost, en meer dan eens word ik nog door die advocaten zelf in het zak gezet ook. In Israël alleen al kijk ik tegen 30.000 euro gerechtskosten aan en ik heb zo momenteel wereldwijd acht zaken lopen. Uiteindelijk win ik die rechtszaken altijd wel, maar het kost allemaal zoveel tijd en geld. Gelukkig heeft een sjeik uit Saudi-Arabië net een hele hoop licenties gekocht voor het Midden-Oosten. Dat houdt ons voor een groot deel recht. Dankzij hem kunnen we de advocatenkosten betalen, terwijl we verder werken aan de ontwikkeling van de sport. Ik heb hem gezegd: met jouw geld ben ik de Joden aan het terugpakken. Daar kon hij wel mee lachen. (grinnikt)
Bossaball heeft dringend een grote, internationale partner nodig. Voor promotiecampagnes hebben we geen geld, alle interesse is spontaan gegroeid. Dat betekent dat er plaats is voor deze sport. Ik weet dat indien hier een grote speler achter zou staan, genre Red Bull of Adidas, Bossaball op dit moment al een knaller zou zijn. Dat frustreert mij zeer. Laatst werd ons nog een megaproject aangeboden in Kazachstan. We zouden in Astana de opening van een megawinkelcentrum mogen verzorgen. Mochten wij nu een groot, gevestigd bedrijf zijn, dan staan we daar zeker, want het is een prachtkans. Maar nu… ik zou er zelfs niet van schrikken als die Kazachen al aan het uitzoeken zijn of het toch niet interessanter is om Bossaball gewoon te kopiëren. We blijven een kleine vis. Een te kleine vis.
Deels ligt dat aan mezelf. Ik ben geen goeie verkoper. Ik kan het bedenken, het verbeteren en er hard voor werken, maar de wereld ervan overtuigen hoe fantastisch het is, daar zijn anderen beter in. Ik hoop dat mijn nieuwe partner Wilco, een Nederlander die ik heb geheadhunt bij hun volleybalbond, die rol op zich gaat nemen. Als de sport een beetje gelanceerd is, hoop ik dat mijn organisatie uitgroeit tot een soort UEFA van het Bossaball. Dan waken wij over het verloop van de competities en komen de terreinen in handen van de organisatoren – ben ik ineens af van dat gezeik met patenten en advocaten. Nu kan ik dat nog niet loslaten: Bossaball zou kapotgaan door de onveiligheid. Onder een officieel terrein zit 250 kilo ijzer om de constructie te verstevigen. Dat is pure noodzaak, een speler zou anders zijn nek kunnen breken. Ernstige accidenten waren er nog niet, het ergste was een verzwikte voet. De copycats gaan erger meemaken. Ik stuur spionnen naar die organisaties en zij melden me dat veiligheid daar niet de grootste zorg is. (heftig) Maar als daar iets gebeurt, doen ze wel de reputatie van mijn sport naar de kloten! In feite doen ze dat nu al: ik heb beelden van copycats gezien, die mannen kunnen niet spelen. Erg slechte reclame voor Bossaball.’
Scoutsleiders en kuitenbijters
‘Het doet me pijn om te zeggen, maar nergens komt Bossaball moeilijker van de grond dan in België. Niemand durft hier iets, niets beweegt en iedereen vindt dat normaal. Wij zijn een land van scoutsleiders en kuitenbijters. Waarom wordt er overal Heineken verkocht, terwijl iedereen weet dat dat kattenpis is vergeleken met wat wij brouwen? Nu zie je in het buitenland Jupiler opduiken, ja, sinds Interbrew samenging met de Brazilianen. Eerder niet. België is een CVP-land, nu zelfs nog meer dan ooit tevoren. Nooit verandert er wat. En wie wél durft, wordt genadeloos onder de grond gestopt. Toen dEUS begon, de vroege jaren negentig, bestond de Belgische muziek niet. Er was niets met internationale uitstraling, ik kan het niet anders zeggen. Ik ben, samen met een paar maten, toch dat gevecht aangegaan. Overal met het busje naartoe, zonder steun, gewoon hard gewerkt. Toch kregen we in België geen kans. We hebben dan maar in Londen getekend. Ik mag er niet aan denken hoeveel talent er zo verloren gaat. We hebben muzikale beloftes genoeg, maar ze blijven allemaal rond hun kerktoren hangen. Het internationale verhaal is buiten dEUS en de Waeles volledig over. Hoe dat komt? Omdat we geen durf hebben, geen funk, geen stijl. In het buitenland worden wij beschouwd als een oninteressant land. Belgium sucks, zo zien ze ons.
Bossaball past in dat verhaal. In het buitenland halen wij enorm veel pers, de laatste keer in Brazilië stonden er twaalf tv-stations langs de kant. En iedere keer wordt daar duidelijk vermeld dat Bossaball een Belgische sport is. Maar denk je dat wij daar steun voor krijgen? Bert Anciaux (SP.A) heeft ons een subsidie gegeven, een belachelijke lage. In Nederland zet de volleybalbond zich achter Bossaball en wordt het een instant succes. Hier nemen ze de telefoon geeneens op. Initiatief? Ambitie? Dat bestaat in België niet. In Koeweit liggen drie terreinen, in Wallonië vroeg men ons nog nooit en heeft niemand al van ons gehoord. Hoe kan je dat uitleggen?’
Aan mijn contacten in de muziekwereld heb ik nu niets meer. De eerste zomer nadat ik met Bossaball was gestart, heb ik mijn adresboek proberen te gebruiken. Maar op de festivals werden we als stront behandeld, behalve dan in Pukkelpop. Voor was dat een enorm frustrerende ervaring. Als je de headliner bent geweest op Werchter, dan is het op de tanden bijten als je in diezelfde wereld door de eerste de beste onnozelaar wordt weggepitst. Of je ergens binnenkomt mét Tom Barman, of je komt binnen zonder, voor sommige mensen maakt dat een heel groot verschil. Niet bij de top, iemand à la Chokri Mahassine die behandelt je altijd met respect. Maar de mannen daaronder… Ik vind het verschrikkelijk zielig dat mensen zo functioneren. Mentaal is dat moeilijk geweest voor mij. Van nul herbeginnen, nadat ik zo hoog had gestaan. De mannen van dEUS zie ik nog af en toe. Den Tommy komt een keer of twee per jaar bij mij op vakantie. Klaas Janzoons en Christian Pierre, de huidige manager, zijn nog altijd mijn beste vrienden. Af en toe ga ik nog kijken, nu en dan krijg ik nog een beetje royalty’s, ook zeer welkom. (lacht) Maar ik volg het niet meer op de voet, de nieuwe bandleden ken ik bijvoorbeeld niet goed. Die dingen gebeuren als je ver weg in Spanje woont, hè.
De glamour van de muziekwereld mis ik absoluut niet. Zelfs het feesten niet. Toen ik 33 was, had ik op een avond, heel plots, het gevoel: het is goed geweest, ik heb het gehad. Ik ben er vijftien jaar van mijn leven zwaar ingevlogen, mag ik in alle eerlijkheid zeggen. (lacht) Zeven dagen op zeven in het nachtleven, altijd en overal gratis drank. Dat moet op een dag ophouden. Als ik nu nog in de scene zat, dan zat ik misschien aan de coke. Dat kan niet meer, ik ben een verantwoordelijke papa ondertussen. Ik dans nog altijd graag, maar doe het veel te weinig. En alcohol, dat is gereserveerd voor het weekend. Of dat probeer ik toch.’
Heel verkoopbaar
‘Mijn droom is: topsportcoach Bossaball worden. Omdat mij dat plezant lijkt om te doen – in ieder geval plezanter dan godganse dagen met advocaten discussiëren. En omdat het mij frustreert dat we het volledige potentieel van deze sport niet bereiken. Laat mij drie maanden voltijds trainen met de tien beste spelers en we kunnen spektakel bieden op het niveau van de Harlem Globetrotters. Maar ja, daar is nu geen geld voor. Het stoort mij dat ik niet de middelen heb om van Bossaball te maken wat het volgens mij wel zou kunnen zijn. In mijn hoofd is Bossaball: een tof feestje met een goeie dj, knappe grieten en toffe Brazilianen die fantastisch kunnen spelen, hun balgevoel synchroon met de muziek. Met aanvalspatronen zo vloeiend als een ingestudeerde dans. Daar zou volk op afkomen, daar twijfel ik niet aan.
Bossaball is in principe een gemengde sport, al zijn de meeste spelers man. Onlangs is er in Brazilië een vrouwenploeg opgericht. Ik vermoed dat die heel verkoopbaar zijn; een knappe Braziliaanse op een trampoline, ik zie daar wel brood in. (lacht) Nu moet ik er nog voor zorgen dat Wilco voorstelt dat we met die meisjes op promotour gaan. Als ik dat voorstel zelf doe, is de kans kleiner dat mijn vrouw het ziet zitten. (lacht)
Vind eens een sport uit. Dat is wat Filip Eyckmans dacht én deed. De Antwerpenaar, in een vorig leven nog manager van rockgroep dEUS, lanceerde in 2005 ‘bossaball’. Vier jaar later mochten wij mee naar Turkije voor het eerste WK bossaball. “Tik op Google ‘new sports’ in en je ziet ‘bossaball’ bovenaan staan”
Lichtjes onwezenlijk tafereel op het strand van de Turkse badplaats Antalya, jonge atleten uit Brazilië, Singapore en Koeweit sjouwen met twee trampolines en een enorm luchtkussen. Terwijl de grote baas van het sponsorende hotelcomplex handen schudt en een reclamespandoek door het mulle zand sleept, wit een plaatselijke schilder nog snel een net geplaatste reling. Een andere klusjesman schoffelt een greppel om stroomkabels in weg te moffelen. Te midden van deze bedrijvigheid een handvol bleke Belgen en Nederlanders. Zij zijn de gangmakers van het eerste WK bossaball dat hier morgen begint. Huh? Juist, ingeburgerd kan je die sport bezwaarlijk noemen. Helemaal nieuw is bossaball nochtans niet. Al in 2005 lanceerde Filip Eyckmans die mix van beachvolley, voetbal en gymnastiek. Sindsdien beheerst bossaball de agenda van deze uitgeweken Antwerpenaar. In een vorig leven was Eyckmans een begenadigd tennisser – gewezen Belgisch kampioen bij de scholieren – en manager van de rockgroepen dEUS en Vive la Fête. Hij verhuisde naar Spanje om in het Andalusische Ronda een opnamestudio en een alternatief hotel te gaan uitbaten. Met de verkoop van de studio kon hij de lancering van bossaball financieren. Sindsdien reist Eyckmans met zijn uitvinding de wereld rond. “In elk geïnteresseerd land tracht ik een licentiedeal te sluiten met een partner die de sport daar promoot. Het voorbije jaar heb ik alleen al in Spanje ruim dertig aanvragen moeten weigeren. Over het hele land willen bedrijven en evenementen er ons bossaballveld huren. Zonder Spaanse partner is dat voor mij onbegonnen werk” Elders krijgt Eyckmans zijn bossaball ook gelanceerd, tot in de meest exotische locaties. “In Singapore sponsort de nationale sportraad spelers en scholen die dit boeken. In Koeweit wordt een bossaballveld twee dagen per week twaalf uur verhuurd. Zelfs vrouwen spelen het er, met hun sluier om. Ook Brazilië heeft al een vrouwenteam. Niet slecht, hè, voor een bedrijfje met de infrastructuur van de kruidenier om de hoek.”
KIEREWIETE MC In Antalya acht het selecte kransje kenners Brazilië de enige ploeg die België van de wereldtitel kan houden. Op de vooravond van het toernooi brengt een Braziliaanse speler-trainer de piepjonge Singaporese ploeg nog wat kneepjes bij. Ook in het hotel, een over the top replica van het Russische Kremlin, verbroederen de teams dat het geen naam heeft. Zodra de wedstrijden beginnen, is het echter bittere ernst. Op een luchtkussen met trampoline trachten ze de bal in acht toetsen – met hoofd, handen, voeten en alles daartussen – over het net te krijgen. Een Belg oogst bewonderend applaus als hij de bal met een omhaal over het net mikt. Ook de Nederlandse ploeg steelt de show. Drie spelers doen simultaan een dubbele achterwaartse flikflak. Dat hun opslag vervolgens in het net belandt, is, euh, sneu. Eenmaal onze landgenoten Oranje hebben ingepakt, wacht Brazilië. Na talrijke demonstratiewedstrijden kennen beide teams mekaar vrij goed. Nu moet de camaraderie even wijken. Verbeten strijden ze voor elk punt en vechten beslissingen van de scheidsrechters aan. Ondertussen zweept een deejay van op een stoere Hummer de toeschouwers op met bonkende beats. MC Luiz, de kierewiete Braziliaanse samba-referee in volstrekt foute outfit, doet er een schep bovenop met commentaren in steenkolen-Engels. “This is the bossaball, this a new sport!”, orakelt hij zo vaak dat iedereen het ’s avonds nog hoort nazinderen. “Ay caramba “ kraait Luiz bij een mooie aanval. “Oh my god” , klinkt het teleurgesteld als een smash buiten het veld terechtkomt. Langs de zijlijn schudden geïmponeerde Braziliaanse schonen met lijf en leden. Tussen twee sets door nodigt Luiz spelers en toeschouwers uit voor een dansje. Eyckmans: “Heeft iemand ooit gesteld dat sport niet funky mag zijn? Mensen gaan toch ook naar het voetbal om Zidane en Ronaldinho aan het werk te zien, en niet voor de verdedigende tactiek van René Vandereycken?”
STERALLURES In Antalya twijfelen de spelers, veelal jonge twintigers, tussen hun jeugdige feestdrang en de zelfdiscipline die het fysiek uitputtende bossaball vereist. “De eerste dag hebben we hen even laten proeven van de wereld die hier voor hen opengaat”, zegt Wilco Nijland, Eyckmans’ Nederlandse kompaan en internationaal manager. “’s Anderendaags merkten we dat het spelniveau was gedaald.” Naast het terrein vertonen sommigen zelfs sterallures, stelt Wilco vast. “Gustavo, de Braziliaanse nummer 3, hebben we al de bijnaam Rockstar gegeven. Hij loopt naar de vrouwtjes te lonken en met zijn tatoeages te pronken. Op het terrein mogen ze zich vedetten wanen, daarnaast blijven ze beter met beide voeten op de grond.” Dat laatste doet ook Filip Eyckmans, al geeft dit eerste WK de populariteit van bossaball een ferme boost. “Sinds ik deze sport heb uitgevonden, ben ik in een bijna surrealistische wirwar van gebeurtenissen terechtgekomen”, zegt hij. Om dat te staven, bundelt zijn website filmpjes waarop te zien is hoe bossaball de tv haalt in landen als Roemenië, Ecuador, Saoedi-Arabië (met geamuseerd toekijkende sjeiks) en Brazilië. Voor dit curiosum rukken de media graag uit. Ook in Antalya. Op een perscocktail aan het strand herhaalt een tolk voor Turkse journalisten hoe Filip de geboorte van bossaball toeschrijft. “Toen ik in 1995 als manager van dEUS voor het eerst in Brazilië kwam, zag ik op het strand voetvolleyballers met rondom hen percussionisten en capoeira-dansers. Met die combinatie van sport en muziek, mijn twee grote liefdes, wilde ik wat doen.” Zijn inspanningen blijven niet zonder gevolgen. “Op ruim honderd Turkse sites – tien pagina’s op Google! – is deze week over ons geschreven”, stellen Filip en Wilco tevreden vast. “In Antalya zijn momenteel zeven sportkampioenschappen aan de gang, maar de Turkse media hebben uitsluitend aandacht voor bossaball. Een zender overwoog zelfs om de finale live op tv te brengen. Alleen spijtig dat de publieke belangstelling matig is, volgens de hotelmanager omdat hier nu vooral Russen verblijven. En die willen enkel aan het zwembad liggen en wodka drinken.” De Russen weten niet wat ze missen: spektakelrijke wedstrijden met lekkere muziek en een aantrekkelijke omkadering. “Spelers kunnen perfect geconcentreerd blijven terwijl het publiek er dansend omheen staat”, weet Filip, na met Belgische spelers de wereld te hebben rondgereisd om bossaball te introduceren en spelers en trainers op te leiden. “Ik mix hen geregeld met Brazilianen. Door hun balgoochelarij met het strakke, gedisciplineerde van Europese turners te mengen, verkrijg je het ideale bossaballteam.” Voorlopig ontbreekt het bossaball nog aan allure. Voor een competitie is het aantal spelers nog te beperkt. Toch gelooft Filip dat dit tot een competitiesport kan uitgroeien. “We zijn al in een vijftientallanden gelanceerd. In Singapore staan we binnenkort op de Asian Youth Games, in Frankfurt op het grootste turnevenement van Duitsland. In Nederland doen we tot drie evenementen per dag. Vorige maand stonden we in Rotterdam op het EK volleybal voor junioren. Dat is goed om serieus te worden genomen. Zo zien mensen dat dit niet zomaar een springkasteel is”, zegt Filip, gesterkt door tientallen aanvragen van turnleraars die hij maandelijks krijgt. “Allemaal willen ze een speelveld in hun school omdat ze daarmee drie sporttechnieken kunnen combineren. Een volleyballer kan via bossaball leren turnen, een voetballer leert zo volleyballen.”
CHINESE NAMAAK Bossaball is als uitvinding auteursrechtelijk beschermd. “Geen ander bedrijf mag een bossaballtoernooi organiseren”, zegt Wilco. “We hebben ook een patent op het speelveld. Dat staat, na vijf prototypes, nu helemaal op punt. De 250 kilo ijzeren staven en veren onder de trampolines zijn bedekt met luchtkussens zodat de spelers zich niet kunnen kwetsen. Maar maandelijks vinden we wel ergens een kopie. Ik ben onlangs undercover in China geweest, waar ik illegale bossaballvelden heb ontdekt. Dei zijn van mindere kwaliteit en daardoor gevaarlijk. Dat kunnen we niet toestaan. Als spelers zich daarop verwonden, lijkt het alsof dit een gevaarlijke sport is en komt bossaball in een slecht daglicht te staan.” Filip heeft een tiental rechtzaken lopen tegen bedrijven in Israël, Hongarije en China die terreinen namaken en verhuren. “Onze advocaten sturen wel waarschuwingsbrieven, maar ondertussen verdienen anderen miljoenen op mijn rug. Als grote firma’s als Nike of Adidas worden gekopieerd, raakt hen dat minder. Ik moet als kleine garnaal in de grote oceaan zien dat ik de huur van ons magazijntje kan blijven betalen.” Na dit WK lijkt de (bossa)bal nochtans aardig te rollen. “Hier bereiken we veel meer nationaliteiten dan op het strand van pakweg Blankenberge. Met de referenties van dit hotel kunnen we over de hele wereld resorts benaderen.”
ZEUREN BIJ ANCIAUX Dat bossaball nog geen officiële sport is, deert Filip niet. “Daardoor moeten wij geen regels naleven. Zo kunnen we ons laten sponsoren door een merk van sigaretten of drank.” De nationale Belgische ploeg, meteen de enige ploeg die ons land rijk is, traint wekelijks in Antwerpen. Filip: “In België heerst een echte scoutsmentaliteit. Net zoals met dEUS in de beginjaren, durft niemand er zijn nek uit te steken. Anderzijds hebben we wel subsidies nodig. Ik ben twee keer op het kabinet van minister Sport Anciaux geweest. Overal waar we met deze Belgsiche uitvinding komen, halen we tv, kranten en honderden links internet. Uiteindelijk heb ik 5.000 euro gekregen, omdat hij die waarschijnlijk moest wegboeken eb zo van mijn gezeur was verlost. Jammer, want ik las pas nog dat België qua imago wereldwijd op 152 staat, na Libië!”
Op de slotdag van het WK blijken het sympathieke Singapore en Koeweit te licht te wegen, in een oogstrelende partij wipt Brazilië de Nederlanders. In de finale moet België de duimen leggen voor de superieure Brazilianen. “Verdiende winnaars”, oordeelt Filip. “De Belgen speelden als watjes met een ei in hun broek. Dat ging ten koste van de show.” Het niveau moet nog omhoog, mijmert hij. “De techniek beheersen we al, maar een meesterlijke show waarbij het spel synchroon met de muziek verloopt, zoals bij Cirque du Soleil of de Harlem Globetrotters, hebben we nog niet.” Tot dan blijft bossaball meer een spel dan een sport. “Doordat we met muziek en een luchtkussen werken, beschouwen veel sportmensen bossaball aks minderwaardig. Niet erg. Op een bedrijfsfeest eens van op een trampoline naar je onderdirecteur kunnen smashen, dat is toch ook fantastisch? Op de nationale sportdag van de politie was bossaball veruit de populairste van dertig aangeboden sporten. Zoiets is mijn grootste stimulans. Grote merken hebben we nodig om naar buiten te komen, maar pas als turnleraars ons mailen, besef ik: we zijn met iets goeds bezig.”
DE SPELREGELS Hoe begint u te bossaballen? Handig om te weten is dat dit spel weinig regels kent. Op een groot luchtkussen met in het midden van elke speelhelft een trampoline, trachten twee teams van vier spelers een zachte volleybal over het ruim vier meter hoge net te krijgen. Van de maximum acht toegelaten passen, moet er minstens één met een ander lichaamsdeel dan de handen gebeuren. Doel is de trampolinespringer zo aan te spelen dat die de bal van op grote hoogte kan smashen op het luchtkussen (1 punt) of in de trampoline (3 punten) van de tegenstander. Wie het eerst 25 punten scoort, wint een set. Één wedstrijd duurt tot een team drie sets heeft gewonnen. Verhogen de spektakelwaarde: acrobatische spelers, een deejay met samba en dance in zijn koffers en een MC met gevoel voor humor.
De Spelers
BELGIE Wie? Sven Leemans (22) student industrieel ingenieur Bossaball omdat… “ik me als turner aangesproken voel door de trampoline. Daarop moet je veel hoogte maken om hard te kunnen smashen. Timing en evenwicht zijn het moeilijkst. Vier jaar geleden zijn we in België met een dertigtal mensen gestart. Daaruit is dit team gegroeid.” Droomt van… “dit professioneel te kunnen spelen. Met de Brazilianen heb ik al demonstraties gegeven in Koeweit, Saoedi-Arabië, Ecuador, Roemenië, Slovenië en Portugal. Doordat het goed wordt gesponsord, hoef ik mijn spaarcenten niet aan te spreken.”
NEDERLAND Wie? Douwe Kamsma (20), student Natuurkunde Bossaball omdat… “ik volleybal speel maar ook graag salto’s maak. In Nederland spelen we dit met zo’n dertig mensen. Het moeilijkste aan het spel is de timing tussen de spelverdeler en de trampolinespeler. Alles extra trucjes maken het moeilijker maar wel leuker.” Droomt van… “een carrière als profbossaballer. Voorlopig hou ik er eerst een aardig zakcentje aan over, als speler van demonstratiewedstrijden en begeleider boekingen, in Nederland zo’n 80 per jaar. Ik heb al training gegeven in Saudi-Arabië en er in Zwitserland mee op de Oranje-camping gestaan.”
BRAZILIE Wie? Carlos Bispo de Souza (28) volleybaltrainer en leraar bij gehandicapten Bossaball omdat… “ik dit een veelzijdige sport vind die door de combinatie met muziek nog aantrekkelijker oogt. De mix van volleybal, voetbal en capoeira is op en top Brazialiaans. Het lijkt misschien moelijk, maar iedereen kan dit, jong en oud.” Droomt van… “een toekomst in bossaball. Dit is nog een zeer jonge sport. Mocht dit over enkele jaren op de Olympische Spelen in Londen te zien zijn, dan zouden meer mensen dit ernstig nemen.”
SINGAPORE Wie? Dhiya Bin Rahman (25) student grafisch ontwerp Bossaball omdat… “de Freestyle en de dynamiek van het spel een adrenalinestoot geven. Ik ben vooral goed met de voeten, doordat we in Singapore takrow spelen, een sport met een kleinere bal. Ik bossaball al anderhalf jaar.” Droomt van… “een nog internationalere toekomst voor bossaball. Door deze sport verder te promoten, hebben we volgend jaar misschien een toernooi met tien ploegen. Misschien wordt het dan mijn broodwinning. Voorlopig is dit vooral fun.”
KOEWEIT Wie? Jassim Al Hasawi (22) graduaat financiën en Business Administration Bossaball omdat… “ik eind vorig jaar bij de voorstelling van bossaball in Koeweit met andere volleyballers was uitgenodigd om het eens te proberen. We zijn al twee keer op de nationale tv geweest.” Droomt van… “meer Koeweiti’s die gaan bossaballen. Dan wordt dit misschien een nationale sport, na voetbal, volleybal en basketbal. Zelf stop ik er na dit WK mee, omdat ik pas ben afgestudeerd en werk zoek. Misschien ga ik wel als coach aan de slag.”
Win een initiatie IN ANTALYA!
Zelf zin in bossaball gekregen? Dankzij Thomas Cook, WOW Hotels en Bossaball Sports SL mag P-magazine trakteren op een gratis bossaballtrip voor twee personen. De winnaars vliegen (uiterlijk eind augustus) naar Turkije, logeren 8 dagen in één van de all inclusive vijfsterren resorts van WOW Hotels in Antalya en nemen er deel aan een workshop bossaball met Braziliaanse topspelers. Les van de wereldkampioen! U moest al naar www.p-magazine.com aan het jumpen zijn om de wedstrijdvraag te beantwoorden.
Bron: P-Magazine 19 Mei 2009
Nieuw: Bossaball!
Gepost door Robert op 25 augustus 2009
Whoaaa! FHM heeft een sport gevonden waar we echt blij van worden! Bossaball: een combinatie van voetbal, hands maken (=volleybal) en dat allemaal op een springkussen. Aankomend weekend is deze te gekke sport te zien en te spelen op het strand van Scheveningen.
Wilco Nijland, zelf fervent Bossaball speler vertelt: 'Bossaball is een combinatie van voetbal, volleybal en trampolinespringen en het wordt gespeeld door twee teams, op een groot luchtkussen met trampolines daarin. De naam Bossaball komt van de Braziliaanse Bossanova muziek, vandaar dat we ook deze sfeer overbrengen op het Bossabalveld. We merken dat vooral mensen tussen 15-35 dit helemaal geweldig vinden om te spelen!
Ik ben 28 jaar en heb het geluk de wereld over te mogen reizen om op de mooiste plekken (stranden) events te organiseren. Op dit moment hebben we partners in 15 landen, deze partners organiseren in hun land alles rondom Bossaball. We spreken dan over landen zoals Mexico, Brazilië, Kuwait, Turkije, Singapore, Dubai.'
Heel lief kijken de redacteuren van FHM naar de directie, maar die ziet ons dakterrasvoetbal al met lede ogen aan, laat staan dat we hier nog een springkussen bijleggen. Gaan we aankomend weekend maar naar Scheveningen.....Bossa, bossa, bossa!
Hot Nuts decided to set up a second Bossaball tour along 7 colleges. In addition, the city of Juarez hosted Bossaball events to enhance the city's image. In Paraguay, Bossaball had a promising launch through the popular tv show Calle 7!
Bossaball took part in the Virada Esportiva in Sao Paulo, with about 3,5 million participants one of the largest sports events in the world! 24 uninterrupted hours of sports, recreation and leisure with 2500 activities on 1000 locations!